Artikel 13 - Einde bestuurslidmaatschap

  1. Het bestuurslidmaatschap eindigt:
    a.   door overlijden van een bestuurslid;
    b.   bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen;
    c.   bij schriftelijke ontslagneming (bedanken);
    d.   bij ontslag op grond van artikel 298 Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
  2. Een bestuurder die wenst af te treden stelt het bestuur hiervan schriftelijk op de hoogte. Als alle gekozen bestuurders aftreden, blijven de voorzitter, de secretaris en de penningmeester aan totdat het bestuur is aangevuld conform artikel 8.